Reflectie: Dag des oordeels


Zoals ik reeds had aangekondigd in mijn vorige post zou ik voor mijn volgende schoolgerelateerde opdracht de roman Dag des oordeels van James Rollins lezen. Ik zie jullie al even fronsen: “Dit is nu al de derde blogpost over die ene thriller, hoeveel zullen er nog komen?” Wel, ik kan jullie in elk geval gerust stellen dat dit het laatste bericht over het zesde deel van Sigma Force wordt. En ook naar mijn gevoel zijn er veel berichten over eenzelfde onderwerp op mijn blog verschenen. Persoonlijk ben ik meer fan van direct een enkele goed uitgewerkte, kwalitatieve post te publiceren. Maar goed school blijft school en aan sommige vereisten zal je niet onderuit raken. Om de leesopdracht van het eerste trimester af te ronden zal ik nog even reflecteren over hoe ik het interview juist heb opgevat en welke inzichten het boek me hebben verschaft. 


Eerst en vooral geef ik graag een woordje uitleg over mijn fictief interview. Ik koos ervoor om Painter Crowe te interviewen. De directeur is een nevenpersonage in de reeks. Aangezien hij veel achter de schermen doorbrengt komt hij dus niet vaak aan het woord. 


Vanwaar dan de keuze om Crowe te interviewen? 


Persoonlijk vind ik het niet leuk als wanneer ik voordat ik een boek lees al weet hoe het zal aflopen. Ik probeer dan ook zo weinig mogelijk spoilers te geven in mijn blogs. Zeker met deze opdracht wilde ik ze heel hard vermijden, want de thriller zit bomvol onverwachte wendingen en plot twists. Ik was van mening dat wanneer ik het de prota- of antagonist zou uitkiezen, ik te veel inhoud zou moeten prijsgeven. Door Painter te interviewen kon ik alles over een compleet andere boeg gooien. Zijn positie als directeur van Sigma maakt van hem het geknipte personage om over de Sigma Force te kunnen praten zonder al te veel specifieke gebeurtenissen te moeten aanhalen. Al moest ik wel in mijn achterhoofd houden dat het een geheime dienst is en dus niet alles zomaar verteld kan worden. Ik denk dat ik op dit vlak misschien ietsjes consistenter moest geweest zijn, en dat de aandachtige lezers zich wel vragen kunnen stellen bij welke gegevens al dan niet classified zijn.


Nu we het toch over mijn schrijfstijl hebben: om eerlijk te zijn vond ik dit een van de moeilijkere opdrachten. Op zich had ik geen moeite met het bedenken van de vragen, waar ik soms wel vastliep was het neerschrijven van de antwoorden. Op deze blog heb ik tot nu toe altijd vanuit mezelf geschreven. Wanneer ik een blogpost schrijf schrijf ik altijd zo goed als alles wat in me opkomt. Dit kon ik nu niet doen. Deze keer moest ik me inleven in een ander personage, en schrijven wat iemand anders zou denken. Voor mij was dit niet zo simpel, ik heb erg lang getwijfeld over hoe ik stellingen juist moest formuleren, en of bepaalde zinnen wel vanuit de mond van de directeur van Sigma zouden kunnen komen. Dat ik er zo lang over heb gedaan, zul je ook wel merken aan de datum waarop ik de laatste twee posts heb gepubliceerd, niet bepaald iets naar mijn gewoonte. De volgende paragrafen waren zelfs twee weken eerder klaar dan het interview, oeps.


Het boek heeft me erg veel bijgebracht. Centraal in dit boek staat een thema dat ik erg interessant vind, namelijk dat van de genetica. De laatste decennia hebben onderzoekers enorme vooruitgang geboekt in deze veelbelovende wetenschapstak. Zo slaagde het Human Genome Project er in 2003 voor het eerst in om het volledige DNA van een mens uit te lezen. Het project nam zo’n 23 jaar in beslag en kostte ruim 3 miljard euro. Vergelijk dat met de dag van vandaag, waar je bij bedrijven als 23andMe voor rond de 100 euro een kit kan bestellen. Je krijgt dan een potje opgestuurd, waarin je wat speeksel en wangslijmvlies moet doen. Wanneer je het potje dan terugstuurt krijg je binnen de week je DNA opgestuurd. Met andere woorden: gentechnologie is nu toegankelijk voor iedereen. 


Hierbij heb ik het niet alleen over het uitlezen van DNA, maar ook het aanpassen. Via technieken als CRISPR, een revolutionaire techniek om snel en goedkoop verandering aan te brengen in het DNA van om het even welk organisme - dankjewel Nerdland ;) - kan bij wijze van spreken iemand in zijn garage zitten prutsen aan DNA. Wanneer weet welke eigenschap waar gecodeerd zit, zijn de mogelijkheden oneindig, van het fluorescent maken van bacteriën tot het droogte- of schimmelresistente maken van maïs.


Dit laatste staat in het boek centraal. Het bedrijf Viatus voert in Afrika experimenten met verschillende genetisch gemodificeerde maïs. Ze bouwden genen in die ze aantroffen in zogenaamde extremofielen, organismen die in de meest extreme omstandigheden slagen te overleven; bijvoorbeeld het beerdiertje. Echter, het genoom bleek niet stabiel te zijn en ontwikkelde zich binnen de maisplant zich van generatie op generatie verder. Dit is om problemen vragen, zeker wanneer je vóór het einde van de tests al wereldwijd gemodificeerde mais hebt ingeplant… 


Maar goed, genoeg gespoilt nu. Tijdens het lezen van het boek had ik het gevoel dat ik een enorme wake-upcall kreeg. Hoewel zo’n ramp nog niet is gebeurd, is het wel een feit dat er op dit moment eigenlijk geen duidelijke regelgeving is omtrent het gebruik van genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) voor de voedselindustrie. Op dit moment worden er twee filosofieën gevolgd. Aan de ene kant heb je Europa, die elke vorm van ggo’s verbiedt. Aan de andere kant heb je dan de Amerikanen die, ergens wel terecht, vinden dat zo’n regelgeving voor te veel vertraging zorgt. En dus zeggen ze doe maar, op dit moment kun je zelfs al genetisch gemodificeerde maïs in de rekken vinden. O ja en dan heb je ook nog China, waar in 2018 de eerste twee HIV-resistente baby's zijn geboren. Side note: het privé labo waar dit gebeurde werd ontmanteld en van de professor is nooit meer iets gehoord.

Wat duidelijk is dat er nood is aan een goede wetgeving, die enerzijds de gevaren tot een minimum beperkt en anderzijds genoeg vrijheid laat voor innovaties. Persoonlijk hoop ik dat die er snel komt. Want het is echt wel een veelbelovende technologie die een invloed zal hebben op alle aspecten van onze samenleving. En misschien ben ik ook wel benieuwd hoe zo’n genetisch gemodificeerde nu juist proeft :)


Ten tweede heeft het boek me ook vele geschiedenis weetjes bijgebracht. Zo viel mijn mond wagenwijd open bij het lezen van het feit dat de machtige Egyptenaren koloniën hadden gesticht. Dit zou ook de het bestaan van de Fomori, een nu verdwenen stam die door de in Ierland binnendringende kelten werden aangetroffen verklaren. Dit volk werd beschreven als mensen met een donkere huidskleuren én in het bezit van een grote deskundigheid op het gebied van landbouw. De overeenkomst is treffend.


Ook leerde ik over de profetieën van Malachias. Deze heilige schreef tijdens een visioen een voorspelling. Hij slaagde er de 12de eeuw in om alle pausen met een bijhorende Latijnse beschrijving te noteren. Deze voorspellingen bleken tot op de dag van vandaag te kloppen, al is er wel een ontbrekend deel vanaf paus Benedictus XVI (2005-2013) tot de allerlaatste paus Petrus Romanus. 


Persoonlijk zetten al deze fait divers me aan het denken tijdens het lezen. Vaak droom ik dan weg, fantaserend over wat het zou geweest zijn, moesten alle elementen in het boek echt bestaan. Op het einde van het boek de woorden “Alles in deze roman is waar, behalve datgene wat dat niet is” te lezen, gevolgd door een lange lijst met bronnen voor vele elementen van het verhaal, geeft echt een extra dimensie aan het verhaal. Op zulke momenten realiseer ik me hoe bitter weinig we eigenlijk weten over de geschiedenis en vraag ik me af wat er nog allemaal in de nevelen des tijds is verloren gegaan. Het zou me nog inspireren om archeoloog te worden, ware het niet dat er maar 24 uur in een dag zijn…


Reacties

Populaire posts van deze blog

The last post?

Bookstagram: HhhH

De steen der Wijzen